De Dokter staat onder druk


De dokter staat onder druk 

Zoals de meeste artsen werd ik opgeleid met het idee dat, als je maar hard je best deed, de nodige toewijding had voor je patiënten en je er van uitging dat je over de nodige kennis en vaardigheden beschikte, de beste zorg kon geven aan je patiënten. Als arts beschikte je over unieke vaardigheden en bovendien was je zo idealist dat je bereid was de nodige offers te brengen in naam van de patiëntenzorg.

Ik was amper aan een echte praktijk begonnen - we schrijven midden de jaren tachtig - of ik werd geconfronteerd met streefcijfers, kwaliteitsbewaking, inspraak, evidence based en wisselende diagnosemodellen, te behalen uitkomsten en nieuwe medicatie. Geneeskunde is business geworden, met de daarbij horende verantwoordingsplicht en verminderde autonomie, gezag en controle, in een complexe omgeving en vooral onder de druk van de overheid, de zorgverzekeraar, de ziekenhuisdirectie en van patiënten die zich steeds meer als een cliënteel opstellen. Geneeskunde is geen unieke kunst noch kunde meer, maar een keiharde praktijk met alle bijhorende negatieve aspecten als woede, frustratie, stress en burn-out.

Bij sommige artsen leidt dit tot vlagen van depressie, drugsmisbruik, zelfs tot zelfmoord.

Daar komt nu de zogenaamde terroristische dreiging bij. In Afghanistan, Irak, Congo en andere landen waar die psychoterreur dagelijkse praktijk is, hebben artsen noodgedwongen leren omgaan met deze stress. Net zoals de politie, die omwille van de aard van haar opdracht toegankelijk moet zijn voor elke burger, moet de arts iedereen die daarom verzoekt, de nodige zorg verlenen.  Dat is inherent aan onze maatschappelijke opdracht, deontologisch mooi omschreven, maar hoe ga je daar in deze tijden mee om? Vooral artsen op spoeddiensten in de hoofdstad of steden met een zogenaamd verhoogd risico, dreigen onbewust aan dit soort stress te lijden.

Om te beginnen moeten we het probleem herkennen en ook erkennen dat er een probleem is. Artsen werken meestal onder stress, ze zijn zo zwaar betrokken bij hun werk en bezig met patiëntenzorg dat de gedachte dat ze onder stress werken, zelden wordt geregistreerd. Het feit alleen al dat hun focus zodanig op hun werk en patiëntenzorg ligt, vermindert hun gevoeligheid voor en hun bewustwording van de gevolgen die hun acties en gedrag voor anderen hebben.

De voor de hand liggende fysieke symptomen van stress zoals pijn op de borst, hartkloppingen, hoofdpijn, spierpijn, paniek/angstaanvallen en gastro-intestinale nood herkennen artsen zelden bij zichzelf. Vaak herkennen ze echter niet de meer subtiele symptomen van chronische stress zoals prikkelbaarheid, stemmingswisselingen, apathie, verlies van focus, verstoring van de slaap, een gevoel van  isolatie en een algemeen gevoel van niet gelukkig zijn.

Pas als men deze symptomen herkent en accepteert kan men de deur openen voor herstel. Meestal zal een dokter zeggen dat hij zichzelf wel kan genezen. Tenslotte leeft een arts al zijn hele leven onder stress met het gevoel dat alles prima gemanaged is. Artsen, zo heb ik ervaren, kunnen hun innerlijke emotionele zorgen niet zo makkelijk delen. Zij zijn trots, dus toegeven dat ze onder stress staan, is een klap voor hun ego's. Bespreken van hun situatie met anderen stelt hun competentie in vraag.

Hoewel ontkenning en terughoudendheid potentiële hindernissen zijn, zijn er effectieve manieren om deze obstakels te nemen. Als artsen moeten wij eerst en vooral onszelf eraan herinneren dat wij niet onoverwinnelijk zijn, en dat reageren op stress geen gebrek is.
Anderzijds zouden artsen die zien dat een collega onder stress zit, het initiatief kunnen nemen, met hen een gesprek aangaan en aanbieden om te helpen. Bereidheid om te luisteren en gedachten en percepties delen, kan een enorm weldoend versnellingseffect voor beide partijen hebben.

Journalisten hebben de gewoonte om na een stressvolle dag in een gesprek met een of meer collega's hun veer te ontspannen. Artsen stappen naar de doktersparking en storten zich eenzaam in het verkeer en gaan naar huis waar hen nog een stapel administratief werk wacht. Misschien moeten we die "slechte gewoonte" van journalisten maar eens overnemen. Het ziekenhuis zelf zou in deze de nodige ruimte en opvang kunnen bieden. Eens iets anders dan kwaliteitsnormen die meestal becijferd moeten gehaald worden.


Dr. Annemie Uyttersprot
januari 2015

Dit artikel werd gepubliceerd door MediQuality en op 25 april 2016 werd het bekroond met de "MediQuality Award".




CheckStat